Bruggen




Over de Seine liggen 37 bruggen. De oudste brug is de Pont Neuf, de jongste de Passerelle Simone de Beauvoir. Sommige bruggen zijn historische monumenten, andere roepen herinneringen op aan veldslagen en oorlogen, koningen en keizers, handel en scheepvaart. Sommige zijn echte juweeltjes van bouwkunst, andere zijn ronduit lelijk. Maar allemaal hebben ze door de eeuwen heen bijgedragen aan de economische bloei van Parijs en spelen ze voor zowel Parijzenaars als toeristen al sinds tijden een onmisbare rol in het verkeer tussen de twee stadsdelen.

Huizen op de brug

huizen op de Pont Notre-DameDe eerste houten bruggen ontstonden vanaf 50 v.Chr. toen de Parisii zich op het Ile de la Cité vestigden. Meestal werd de oversteek over de rivier echter uitgevoerd met een veerpont (in het Frans een ‘bac’), tot er zoveel verkeer was dat een veer niet meer voldeed. In de 16e eeuw waren er nog maar twee bruggen, maar vanaf het eind van die eeuw begon men stenen bruggen te bouwen. Bovenop die bruggen stonden huizen en op de pijlers stonden molentjes. De huizen fungeerden als financiering voor de bouw van de brug, maar vanaf de Middeleeuwen tot 1848 werd ook tol geheven. De rijen huizen hadden soms wel drie etages en bestonden uit een woongedeelte met daaronder een winkel of bedrijf. In 1786 verbood Lodewijk XVI de bouw van huizen op de bruggen, vanwege het instortingsgevaar.

Instorten

Er zijn nog maar weinig oorspronkelijke bruggen uit de tijd voor 1900. Van sommige tegenwoordige bruggen zijn in het verleden wel acht versies gebouwd. Veel bruggen werden beschadigd door aanvaringen van boten of stortten in door sterke stroming, kruiend ijs, overstromingen, brand of simpelweg omdat de constructie niet deugde. Dat gold vooral voor de bruggen rond het Ile de la Cité en het Ile Saint-Louis, waar de Seine smaller is en er bovendien nog boten aan de kant lagen, waardoor er soms maar één doorgang onder een brug bereikbaar was.

Uitbreiding

In de 19e eeuw wilden Napoléon III en stadsplanner Hausmann de brede boulevards doortrekken naar de linkeroever en daar waren de smalle bruggen niet geschikt voor. Bovendien groeide in de 19e eeuw het inwonertal van de rechteroever veel sneller dan dat van de linkeroever. Om dat beter in balans te brengen werden veel nieuwe bruggen gebouwd om het verkeer tussen de twee stadsdelen te bevorderen en werd een aantal oudere bruggen verbreed of gereconstrueerd. In de 20e eeuw zijn de meeste bruggen gebouwd. De aanleiding voor een nieuwe brug was meestal het toegenomen verkeer en de uitbreiding van Parijs naar het oosten en westen. Ook werd in deze eeuw een aantal bruggen vernieuwd of verbreed.

Soorten bruggen

Onder de 37 bruggen zijn twee viaducten waar alleen metrotreinen gebruik van maken (Viaduc d’Austerlitz en Pont Rouelle) en twee viaducten waar bovenop de metro rijdt en daaronder het wegverkeer (Pont de Bercy en Pont de Bir-Hakeim). Er zijn vier voetgangersbruggen: Passerelle Simone de Beauvoir, Pont des Arts, Passerelle de Senghor en Passerelle Debilly.


Lijst van bruggen

(van oost naar west)

Pont Amont
tussen tussen quai d’Ivry en quai de Bercy
metro Cour Saint-Emilion
geopend in 1969
lengte 270 m

Brug in de Périphérique. Net als zijn evenknie de Pont Aval aan de andere kant van de stad heeft hij geen naam, maar omdat hij stroomopwaarts (amont) ligt, noemt men hem Pont Amont.

Pont National
tussen boulevard du général Jean Simon en boulevard Poniatowski
metro Cour Saint-Emilion
geopend in 1853
lengte 188,5 m

Deze brug van metselwerk en beton heette tot 1870 Pont Napoléon III. Hij is oorspronkelijk aangelegd als spoorwegviaduct voor de Petite Ceinture-treinen en is als werklozenproject vergroot tussen 1936 en 1944.

Pont de Tolbiac
tussen quai de Bercy en quai de la Gare
metro Cour Saint-Emilion of Bibliothèque François Mitterrand
geopend in 1882
lengte 168 m

Resultaat van een prijsvraag waar ingenieur Eiffel ook voor had ingeschreven. In 1943 stortte een Engels vliegtuig met vier Fransen zich hier in de Seine om niet in de woonwijken terecht te komen. Volgens een plaquette op de brug kwam de hele bemanning hierbij om.

Passerelle Simone de Beauvoir
tussen Bibliothèque nationale François Mitterrand en Parc de Bercy
metro Quai de la Gare
geopend in 2006
lengte 304 m

Moderne passerelle Simone de Beauvoirvoetgangersbrug in twee lagen, een transparante metalen constructie met eikenhouten looppaden. Op de brug heb je mooi uitzicht over de Seine. De bovenste laag loopt vanaf de Bibliothèque nationale naar het Parc de Bercy. Op de onderste loop je van kade naar kade. De delen kruisen zich in het midden. Aan de uiteinden van de brug zijn trappen en liften als je naar de kade wilt. Voor de Bibliothèque zie je het drijvende zwembad Joséphine Baker.

Pont de Bercy
tussen quai de Bercy en quai de la Gare
metro Quai de la Gare
geopend in 1864
lengte 175 m

De oorspronkelijke hangbrug werd gebouwd in 1832. Het was tot 1861 een tolbrug, want hij lag toen nog buiten de grens van Parijs. De tympanen van de bogen zijn versierd met gebeeldhouwde kronen rond raampjes. In 1909 kwam er een viaduct bovenop voor metrolijn 6 en in 1992 werd hij verbreed.

Pont Charles de Gaulle
tussen quai d’Austerlitz en quai de la Rapée
metro Gare d’Austerlitz
geopend in 1996
lengte 207 m

Gebouwd om de Pont d’Austerlitz te ontlasten en een verbinding te maken tussen Gare d’Austerlitz en Gare de Lyon. De brug ziet er uit als een metalen vliegtuigvleugel op ronde pijlers.

Viaduc d’Austerlitz
tussen de metrostations Gare d’Austerlitz en Quai de la Rapée
metro Gare d’Austerlitz
geopend in 1904
lengte 140 m

IJzeren metroviaduct voor lijn 5. Het was in zijn tijd de langste brug van Parijs. Het viaduct is versierd met symbolen van de zee, zoals dolfijnen en schelpen, en met het wapen van Parijs.

Pont d’Austerlitz
Pont Austerlitztussen quai de la Rapée en quai d’Austerlitz
metro Gare d’Austerlitz
geopend in 1801
lengte 174 m

Omdat er scheurtjes in de brug kwamen, werd hij in 1885 versterkt. Op de brug zijn toen versieringen aangebracht in de vorm van de letter N (van Napoléon III) met lauriertakken eromheen.

Pont de Sully
tussen quai de la Tournelle en quai Henri IV via het Ile Saint-Louis
metro Sully Morland
geopend in 1876
lengte 163 en 93 m

Brug in twee delen. Eroverheen loopt de boulevard Henri IV. Op deze plekken waren in 1836 twee voetgangersbruggen gebouwd, de passerelle de Damiette en de passerelle de Constantine. De eerste werd verwoest tijdens de revolutie van 1848 en de laatste stortte al in 1856 in. De huidige brug is genoemd naar de rechterhand van Henri IV, de duc de Sully. Vanaf het zuidelijke stuk heb je mooi uitzicht op de Notre Dame.

Pont de la Tournelle
tussen quai de la Tournelle en Ile Saint-Louis
metro Pont Marie
geopend in 1928
lengte 122 m

In 1370 was hier al een brug die later instortte en vervangen werd door een brug die in 1620 door kruiend ijs verwoest werd. De volgende brug hield het uit tot 1918, toen hij afgebroken werd omdat hij te gammel was. De huidige brug dateert van 1928. Aan de kant van de linkeroever staat in het verlengde van de pijler een standbeeld van Sainte Geneviève, schutspatroon van Parijs. Het is het laatste standbeeld dat op een Parijse brug is geplaatst. De naam verwijst naar een torentje dat hier in de 7e eeuw stond op de muur van Philippe-Auguste. Op deze brug wordt de officiële waterstand van de Seine gemeten.

Pont Marie
tussen quai des Célestins en Ile Saint-Louis
metro Pont Marie
geopend in 1635
lengte 92 m

De bouw van deze brug had heel wat voeten in de aarde. Lodewijk XIII legde de eerste steen al in 1614. De kanunniken van de Notre Dame hielden de bouw echter een aantal jaren met succes tegen. Daarna ontstond ruzie over de bouw van de 50 huizen op de brug. Die huizen werden zo slecht onderhouden dat twintig ervan bij de overstroming van 1658 samen met de twee bogen van de brug in de Seine verdwenen, waarbij 60 mensen verdronken. Pas twee jaar later kwam er een houten noodbrug waar tol werd geheven om de herbouw te bekostigen. In de eeuw erna verdwenen ook de andere huizen, omdat het vanaf 1786 niet meer toegestaan was huizen op een brug te bouwen. Er zijn aan de buitenkant ooit niches gebouwd voor beeldhouwwerken die nog steeds leeg zijn. De brug is genoemd naar Christophe Marie, de aannemer die de brug gebouwd heeft.

Pont Louis-Philippe
tussen quai de l'Hôtel de Ville en Ile Saint-Louis
metro Pont Marie
geopend in 1862
lengte 100 m

Oorspronkelijk was hier een hangbrug met dezelfde naam uit 1833 die iets meer naar het westen lag, de punt van het Ile Saint-Louis raakte en uitkwam op het Ile de la Cité. Tijdens de opstand van 1848 brandde een groot deel van die brug af, waarbij de kabels smolten en 20 mensen in de Seine verdronken. Nadat de tol was afgeschaft groeide het verkeer, met als gevolg dat de brug te smal werd. Hij werd afgebroken en in 1862 verrees een nieuwe brug op de huidige plaats. De kleine raampjes boven de pijlers met een bladerkroon eromheen waren bestemd om de ruimtes voor gas en water te verlichten. De brug is genoemd naar koning Louis-Philippe. Vanaf het midden van de brug heb je mooi uitzicht op de Notre Dame en het Hôtel de Ville.

Pont Saint-Louis
tussen Ile de la Cité en Ile Saint-Louis
metro Cité
geopend in 1970
lengte 67 m

Dit is de 9e brug op deze plaats. De eerste, de pont Saint-Landry uit 1630, bezweek al in 1634 onder het gewicht van drie processies. De brug die vervolgens in 1656 werd gebouwd moest al na een jaar wegens ernstige schade door overstromingen worden afgebroken. In 1717 verrees een houten brug die Pont Rouge werd genoemd vanwege de kleur van de menie waarmee hij geschilderd was. Door hoge waterstanden geteisterd verdween deze brug in 1795. In 1804 probeerde men het opnieuw, nu met een brug van eikenhout, beschermd door koperen platen en teer. Deze brug verzakte en werd in 1811 vervangen door een houten voetgangersbrug, die op zijn beurt in 1842 werd vervangen door een hangbrug, genoemd Passerelle de la Cité.

In 1862 werd een metalen brug gebouwd. Deze brug hield het tamelijk lang uit, tot 1939. Toen voer er een boot tegen de brug, die ook de gasleidingen raakte. Er ontstond een ontploffing waardoor 20 mensen in de Seine terechtkwamen, van wie er twee verdronken. Daarna hield een ijzeren noodbrug de verbinding in stand, tot eindelijk in 1970 de huidige metalen brug werd gebouwd. Het is een lelijke, saaie brug, misschien om concurrentie met de Notre Dame te vermijden.

Pont de l’Archevêché
tussen quai de Montebello en Ile de la Cité
metro Maubert-Mutualité
geopend in 1828
lengte 67 m

Deze brug heeft lage en nauwe bogen, waardoor veel ongelukken ontstonden door boten die ertegenaan botsten. Tussen 1881 en 1900 vonden 21 ongelukken plaats, waarbij vier boten zonken. In 1911 week een bus uit, botste tegen de leuning en verdween in de Seine, waarbij 11 mensen omkwamen. Hierna werden wat noodmaatregelen getroffen, zoals het vervangen van de gietijzeren leuning door een van steen. Sindsdien moet de brug nodig vervangen worden (het is de smalste brug van Parijs), maar voorlopig gaat dat niet door wegens plannen om de Seine aan de rechteroeverkant te verbreden. De brug is genoemd naar het aartsbisdom dat tot 1831 dichtbij de Notre Dame lag.

Pont au Double
tussen quai de Montebello en Ile de la Cité
metro Saint-Michel-Notre Dame (RER) of Saint-Michel
geopend in 1882
lengte 45 m

De oorspronkelijke brug van 1631 was bedoeld als uitbreiding van het ziekenhuis Hôtel-Dieu, waar ruimtegebrek was ontstaan vanwege herhaalde epidemieën. Op de brug werden daarom op kosten van het ziekenhuis zalen gebouwd voor patiënten. Om over de brug te kunnen lopen moesten omwonenden het dubbele betalen van het gewone toltarief, vandaar ook de naam (double = dubbel). Veel opstandjes ontstonden door weigering om te betalen, tot de tol in 1789 werd afgeschaft. Door de onhygiënische toestand van de zalen, het ziekenhuisafval dat in de Seine gedumpt werd en de open toiletten onder de brug ontstond zoveel weerstand dat de brug in 1847 werd afgebroken en vervangen door een stenen exemplaar. Die brug werd in 1882 weer vervangen door een gietijzeren brug.

Pont d’Arcole
tussen Ile de la Cité en de place de l’Hôtel de Ville
metro Hôtel de Ville
geopend in 1854
lengte 80 m

Eerst werd hier een hangbrug voor voetgangers gebouwd in 1828. De huidige ijzeren brug is uit 1854. Aan elke kant van de brug staan twee achthoekige sokkels waar vroeger kandelaars op stonden. De brug heeft maar één boog, waardoor hij een keer 20 cm verzakt is en daarom versterkt moest worden. De naam refereert óf aan de jonge opstandeling Arcole die stierf bij deze brug tijdens de opstand van 1830, of aan de slag bij Pont d’Arcole (Oostenrijk) in 1796 door Napoléon Bonaparte.

Petit Pont
tussen quai Saint-Michel en Ile de la Cité
metro Saint-Michel
geopend in 1853
lengte 32 m

De eerste brug op deze plaats werd gebouwd in de tijd van Julius Ceasar. De volgende, uit 1185, werd acht keer verwoest door hoog water, kruiend ijs of brand. De brug uit 1416 hield het uit tot 1718, toen hij in vlammen opging, samen met de 22 huizen die erop stonden. In 1719 stond er alweer een nieuwe brug, die op zijn beurt afgebroken werd voor de huidige brug uit 1853.

Pont Notre Dame
tussen Ile de la Cité en quai des Gèsvres
metro Cité
geopend in 1913
lengte 105 m

De eerste brug bestond al in de oudheid. Een houten brug werd gebouwd in 1413 met 60 huizen erop, maar die stortte In 1499 in. Tien ambtenaren die schuldig bevonden werden aan het ongeluk verdwenen in de gevangenis omdat ze hun boete niet konden betalen. In 1512 werd de brug herbouwd, nu met 34 dure huizen erop die gouden huisnummers hadden. Vanaf 1787 werden deze huizen afgebroken. De stenen brug van 1855 had vijf bogen, waardoor veel aanvaringen plaatsvonden en men hem Pont au Diable (duivelsbrug) ging noemen. De huidige brug is van 1913. Hij heeft maar één boog en staat op de fundering van de brug uit 1855.

Pont Saint-Michel
tussen quai des Grands Augustins en Ile de la Cité
metro Saint-Michel
geopend in 1857
lengte 62 m

De eerste brug, met aan twee kanten huizen erop, dateert uit 1387. Daarna werd in 1416 een nieuwe houten brug gebouwd, die in 1547 instortte na een botsing met een paar schepen waarbij 16 mensen verdronken. Daarna volgden nog enkele bruggen, tot in 1857 de huidige brug werd gebouwd, die aansloot op de nieuwe boulevard Sébastopol. De brug is versierd met medaillons waarin de letter N van Napoléon III is aangebracht. Hij is genoemd naar de chapelle Saint-Michel die hier vlakbij stond.

Pont au Change
tussen Ile de la Cité en place du Châtelet
metro Châtelet
geopend in 1860
lengte 103 m

Al in de Romeinse tijd was hier een houten brug. Sindsdien zijn hier vele bruggen gebouwd en weer afgebroken. De eersten heetten nog Grand Pont. De huidige naam verwijst naar de geldwisselaars die zich hier na 1140 vestigden. Hier moest iedereen die Parijs binnen wilde komen zijn deviezen wisselen. De geldwisselaars hadden hun winkels op de brug, net als de goud- en zilversmeden. Toen een brug in 1621 in brand vloog, lieten de geldwisselaars een nieuwe bouwen die in 1647 klaar was. Hierop stonden tot 1788 106 huizen van vier etages hoog. In 1859 werd een nieuwe brug gebouwd om hem aan te laten sluiten op de nieuwe boulevard Sébastopol.

Pont Neuf
tussen quai du Louvre en quai de Conti
metro Pont Neuf
geopend in 1603
lengte 238 m

De oudste en beroemdste brug van Parijs en met de Pont Alexandre III de mooiste. Gebouwd in de tijd van Henri III (die de eerste steen legde in aanwezigheid van zijn moeder, Catherine de Medicis), maar pas afgemaakt in de regeerperiode van Henri IV. De brug was in zijn tijd al bijzonder doordat hij breed was (20 m), van steen gemaakt, trottoirs had en halvemaanvormige uitsteeksels op elke pijler, die tot 1848 als winkels gebruikt werden. Verder was de brug aan beide kanten fraai versierd met 384 maskers. Sinds 1603 is hij weinig veranderd. Na de dood van Henri IV verscheen zijn standbeeld op de ophoging die op de punt van het Ile de la Cité gemaakt was om de brug te dragen, tegenwoordig square du Vert Galant geheten. Het beeld werd tijdens de Franse Revolutie omgesmolten, maar sinds 1818 staat er een bronzen replica.

Op deze brug hebben nooit huizen gestaan. De brug was daardoor heel populair als wandelbrug, omdat men uitzicht op de Seine had. Het werd een ontmoetingspunt voor rijk en arm, kunstenaar en zakkenroller, grande dame en prostituee. Er werden boeken verkocht en tentoonstellingen gehouden. Vlakbij stond een hydraulische pomp die water uit de Seine naar de rechteroever pompte. Die toren was versierd met een reliëf dat de bijbelse ontmoeting van la Samaritaine met Jezus voorstelde. Op de oever bij de brug werd in 1905 het warenhuis La Samaritaine gebouwd, genoemd naar deze pomp. In 1985 pakte kunstenaar Christo de hele Pont Neuf in gedurende twee weken.

Pont des Arts/Passerelle des Arts
tussen Louvre en Institut de France
metro Louvre-Rivoli
geopend in 1984
lengte 155 m

Deze voetgangersbrug was in 1804 de eerste ijzeren brug in Parijs. De brug raakte verzwakt door aanvaringen in 1961 en 1970 en het was lastig manoeuvreren voor het scheepvaartverkeer, omdat hij negen bogen had. In 1979 stortte de brug bovendien in na een aanvaring met een schip. Een nieuwe brug (een replica van de oorspronkelijke, maar dan met 7 bogen) werd in 1984 door Jacques Chirac geopend. De brug is zo genoemd omdat het Louvre in 1804, toen de oorspronkelijke brug gebouwd werd, Palais des Arts heette.

Georges Brassens noemt de Pont des Arts in zijn chanson Le Vent (‘Si par hasard, sur le Pont des Arts…’). Eugène Green maakte in 2004 de film Le Pont des Arts, een liefdesgeschiedenis die speelt rond 1980. De Pont des Arts is een van de romantische plekken van Parijs en een prachtig punt om foto’s te maken. Aan het hek worden slotjes vastgemaakt door verliefde mensen.

Pont du Carrousel
tussen Carrousel du Louvre en quai Voltaire
metro Palais Royal-Musée du Louvre
geopend in 1939
lengte 168 m

De oorspronkelijke ijzeren brug is van 1834. Vanwege ongewenste trillingen, veroorzaakt door het materiaal en het drukker wordende verkeer, en omdat hij te smal werd, werd de brug in 1939 herbouwd in beton, iets meer westelijk dan de vorige. De beelden die op de vier hoeken van de oude brug stonden, zijn herplaatst op de nieuwe. Ze stellen de welvaart, de industrie, de Seine en de stad Parijs voor. In 1941 werden vier uitschuifbare straatlantarens gebouwd, die tijdens de oorlog verstopt werden en pas in 1946 weer geïnstalleerd. Overdag waren ze 12 m hoog en ’s nachts 22 m. Nu werken ze niet meer.

Pont Royal
tussen rue du Bac en Jardin du Carrousel
metro Musée d’Orsay
geopend in 1689
lengte 133 m

Een van de oudste bruggen (samen met de Pont Neuf en de Pont Marie). Genoemd naar Lodewijk XIV, die hem financierde. Een eerdere houten brug (uit 1632) was zo krakkemikkig door brand en aanvaringen, dat hij vervangen werd door de huidige stenen brug. Sindsdien zijn er kleine wijzigingen aangebracht, maar het is nog steeds de brug uit 1689. Op de pijlers bij de oevers staat een schaalverdeling met daarop de waterhoogten bij verschillende hoogwaterstanden in het verleden.

Passerelle de Senghor
tussen quai Anatole France en Jardin des Tuileries
metro Musée d’Orsay
geopend in 1999
lengte 16 m

In 1861 werd hier de ijzeren Pont de Solférino geopend. In de brug waren de namen van verschillende overwinningen aangebracht, o.a. die van Solférino, vandaar de naam. De brug werd in 1960 afgebroken en vervangen door een noodbrug, die dienst deed tot 1992. De huidige ijzeren voetgangersbrug is van 1999 en heeft maar één boog. Hij heeft twee etages met een hardhouten loopvlak. Vanaf de bankjes heb je mooi uitzicht op de Tuilerieën. In 2006 is de brug herdoopt ter gelegenheid van de 100e geboortedag van Léopold Sédar Senghor, schrijver en eerste president van Senegal en lid van de Académie française.

Pont de la Concorde
tussen Assemblée nationale en de place de la Concorde
metro Assemblée Nationale
geopend in 1791
lengte 153 m

Drukste brug van Parijs. Voor een deel gebouwd met stenen van de verwoeste Bastille. In 1810 liet Napoléon er acht standbeelden op zetten van generaals die tijdens zijn veldtochten gesneuveld waren. Tijdens de Restauratie stonden er 12 kolossale marmeren standbeelden van ministers, generaals en admiraals op, maar die werden er rond 1828 afgehaald omdat hun gewicht te zwaar op de brug drukte.

Pont Alexandre III
tussen avenue du Maréchal Gallieni en het Grand en Petit Palais
metro Invalides
geopend in 1900
lengte 160 m

Mooist gedecoreerde brug van Parijs, gemaakt in de stijl van het Grand en Petit Palais. Gebouwd voor de Wereldtentoonstelling 1900. De ontwerpers moesten er rekening mee houden dat de brug niet het zicht benam op de Champs-Elysées en de Invalides. Hij heeft één stalen boog, aan weerskanten bekleed met steen. De versieringen hebben als thema de Frans-Russische vriendschapsbanden. De eerste steen werd dan ook gelegd door tsaar Nicolaas II, zoon van tsaar Alexander III.

Pont Alexandre IIIAan de één kant van de brug staat een beeldengroep die de nimfen van de Seine verbeelden, aan de andere kant de nimfen van de Neva, een Russische rivier. De rechteroever beeldt de vrede uit, de overkant de overwinning. Ze zijn verbonden door motieven uit de natuur en de zee. Aan weerskanten staan twee zuilen van 17 m hoog, waarop Pegasus in bedwang gehouden wordt door vrouwenfiguren in verguld brons. De zuilen zijn versierd met allegorische voorstellingen van Frankrijk tijdens Karel de Grote, de Renaissance, Lodewijk XIV en de huidige tijd. De brug is verder gedecoreerd met art-nouveaulampen, engeltjes, guirlandes, nimfen en leeuwen. Er staan 32 straatlantaarns in de vorm van kandelaars. In 1999 is de brug prachtig gerenoveerd.

Pont des Invalides
tussen boulevard de la Tour Maubourg en de avenue Franklin D. Roosevelt
metro Invalides
geopend in 1856
lengte 152 m

De eerste Pont des Invalides werd in 1826 gebouwd op de plaats waar nu de Pont Alexandre III staat. Nog voor de brug geopend werd, brak een ophangkabel waardoor de pijlers die het brugdek droegen instortten. De brug moest worden afgebroken. Een tweede brug werd gebouwd in 1829, op de plek van de huidige brug, maar ook die zat technisch niet goed in elkaar en was maar beperkt begaanbaar. In 1856 werd de huidige brug gebouwd ter gelegenheid van de Wereldtentoonstelling die op de Champs-Elysées werd gehouden. Het is geen ophangbrug zoals de twee vorige, maar een stenen brug, maar wel staat hij op de pijlers van de tweede brug. De versieringen stellen aan een kant de Victoire terrestre voor en aan de andere kant de Victoire maritime, als eerbetoon aan de overwinningen van Napoléon III in de Krimoorlog. Verder zijn aan de buitenkant op de pijlers militaire trofeeën en beelden aangebracht. In 1876, 1878 en 1880 vonden reparaties plaats, maar sindsdien is de brug stabiel.

Pont de l’Alma
tussen avenue George V en quai Branly
metro Alma-Marceau
geopend in 1974
lengte 142 m

De eerste brug hier is gebouwd in 1856 in opdracht van Napoléon III ter herinnering aan zijn overwinning bij Alma in de Krimoorlog. Hij had in 1855 klaar moeten zijn, maar een verzakking van de pijlers vertraagde het werk.
Het was een stenen brug met op de pijlers oorspronkelijk vier figuren van 6 m hoog. Eén ervan, de Zouave, staat nu weer bij de huidige brug. Voor de Parijzenaars is het hoog water als zijn voeten in het water staan. De huidige brug is gebouwd omdat de vorige brug weer verzakte en bovendien te nauw werd voor zowel het verkeer op de brug als op de Seine.

Passerelle Debilly
tussen quai Branly en Palais de Tokyo
metro Iéna
geopend in 1900
lengte 120 m

Voetgangersbrug, oorspronkelijk bedoeld als tijdelijke brug voor de Wereldtentoonstelling van 1900. Hij is genoemd naar generaal de Billy, gesneuveld in Jena in 1806. In 1906 werd de brug verplaatst naar de huidige plaats. Vanaf dit punt heb je mooi uitzicht op de Eiffeltoren.

Pont d’Iéna
tussen Eiffeltoren en Palais de Chaillot
metro Iéna
geopend in 1814
lengte 155 m

Deze brug keek vanaf 1878 aan de ene kant uit op het Palais du Trocadéro, dat stond op de plaats waar nu sinds 1937 het Palais de Chaillot staat. Pas in 1889 verscheen aan de andere kant de Eiffeltoren. Daarvoor was er alleen het Champ de Mars en de Ecole Militaire. Aan elk uiteinde van de brug staan sinds 1848 twee beelden met paarden en krijgers, aan de rechteroever een Gallische en een Romeinse soldaat en aan de andere oever een Arabische en een Griekse soldaat. Aan de zijkant van de brug zijn tussen de balustrades en de pijlers keizerlijke adelaars gebeeldhouwd. In 1937 is de brug vergroot. Hij is genoemd naar de slag bij Jena tegen de Pruisen in 1806.

Pont de Bir-Hakeim
tussen boulevard de Grenelle en square Alboni
metro Bir-Hakeim
geopend in 1905
lengte 237 m

Een eerste voetgangersbrug werd hier gebouwd in 1878, gedeeltelijk over de Allée des Cygnes. In 1905 werd hij vervangen door de huidige brug, die toen nog Viaduc de Passy heette, met onder een verkeersbrug en boven een treinviaduct. Onder het treinviaduct, dat rust op metalen zuilen, loopt een fietspad. Aan de zijkanten werden sculpturen gemaakt van gietijzer, waarvan enkele verloren gingen bij de versterking van de brug in de jaren veertig. Vier bas-reliëfs verbeelden de wetenschap, de arbeid, de elektriciteit en de handel.

Aan de noordkant van de brug staat een beeld dat herrijzend Frankrijk voorstelt, geschonken door de Deense gemeenschap in Parijs. Sinds 1949 heet de brug Bir-Hakeim, als herinnering aan de overwinning in de Tweede Wereldoorlog door Franse troepen in Libië in 1942. Vanaf het midden van de brug kun je via trappen op de Allée des Cygnes komen. De film Last Tango in Paris van Bertolucci werd hier voor een deel opgenomen.

Pont Rouelle
tussen rue du Ranelagh en quai de Grenelle
metro Bir-Hakeim
geopend in 1900
lengte 173 m

Metroviaduct over het midden van de Allée des Cygnes, gebouwd als treinviaduct voor de Wereldtentoonstelling van 1900. Na 1924 werden geen passagiers meer vervoerd, alleen goederen. Vanaf 1936 werd het viaduct niet meer gebruikt tot in 1990 metrolijn RER-C eroverheen ging rijden.

Pont de Grenelle
tussen quai de Grenelle en quai Louis Blériot
metro Kennedy Radio France (RER)
geopend in 1968
lengte 220 m

De eerste brug hier werd geopend in 1827. Na een aantal reparaties stortte hij in 1873 in tijdens een feest dat gegeven werd ter ere van de sjah van Perzië. Er werd een nieuwe brug gebouwd in 1874. Vlak bij de plaats waar de brug de Allée des Cygnes kruist werd in 1889 een kleinere versie van het Vrijheidsbeeld van beeldhouwer Bartholdi geplaatst, een geschenk van de Amerikaanse gemeenschap in Parijs. Omdat de brug te klein werd en hij te lijden had van roest, werd in 1968 een nieuwe ijzeren brug gebouwd.

Pont Mirabeau
tussen quai André Citroën en avenue de Versailles
metro Mirabeau of Javel
geopend in 1896
lengte 173 m

Mooie ijzeren brug met vier bronzen allegorische beeldhouwwerken vlak bij het water op de pijlers in de vorm van een schip. Ze verbeelden de stad Parijs, welvaart, handel en navigatie. Dichter Guillaume Apollinaire maakte een gedicht over de brug: ‘Sous le Pont Mirabeau coule la Seine…’

Pont du Garigliano
tussen boulevard du Général Martial Velin en boulevard Exelmans
metro Boulevard Victor of tramway T3 Pont du Garigliano
geopend in 1966
lengte 209 m

De eerste brug op deze plaats was het stenen Viaduc d’Auteuil, een brug in twee etages voor treinen en voor wegverkeer, geopend in 1865. Het is de enige brug in Parijs die in de Tweede Wereldoorlog is gebombardeerd. In 1966 werd een nieuwe metalen brug geopend, zonder treinviaduct, die Pont du Garigliano werd genoemd, naar de overwinning die de Fransen in Italië behaalden in 1944.

Pont Aval
tussen quai d’Issy les Molineux en quai de Saint-Exupéry
metro Porte de Saint-Cloud
geopend in 1968
lengte 312 m

Brug in de Périphérique. Net als zijn evenknie Pont Amont aan de oostkant van de stad heeft hij geen naam, maar omdat hij stroomafwaarts (aval) ligt, noemt men hem Pont Aval.


Laatst bijgewerkt 17-03-2014